Over 'Onklare taal'

'Onklare taal' is de verzamelnaam van diverse tekstprojecten van mijn hand. Dit is de afdeling gedachten en semi-dagboekfragmenten daarvan. De weg een beetje kwijt? Deze link brengt je terug naar de homepage van Anton Voloshin. Deze blog is momenteel afgesloten. Na 9 jaar columnistiek was het tijd om dit trouwe trekpaard even op stal te laten. Mijn 99 beste columns kan je geredigeerd en wel in boekvorm terugvinden: 'In de vorm van een vogel' is gratis beschikbaar als download in PDF en in EPUB-formaat.

maandag 16 november 2015

Van de rails

De werkdag is voorbij. Ik wacht op de tram. Over het Ledebergplein hangt er een mistroostige herfstduisternis. Er is wel nog veel volk op de been. Cafés en restaurants, het ene al wat smoezeliger dan het andere, adverteren zichzelf in neon. Boven alles torent de grote kerk van Ledeberg uit, een bakstenen gevaarte dat in zijn tijd misschien als modern gold. Nu is het een wezenloos ding, doods en onaantrekkelijk. Ledeberg heeft zijn reputatie niet mee. Gentenaars spreken soms spottend over de Ledebronx, een curieuze mix van oude en jonge marginalen die al van generatie op generatie meegaan, aangevuld door heel wat kleur. Uit Turkije, uit Oost-Europa, uit het hart van Afrika. Zouden er in Gent terreurcellen kunnen ontkiemen? Natuurlijk dat ik daar aan denk sinds de terreuraanslagen in Parijs. De schrik zit erin en samen daarmee mijn vrees dat deze tragedie nog maar eens een boksbal gaat worden voor stoere rechtse praat. Ik denk eigenlijk niet dat de vluchtelingencrisis, Daesh of terreur in Europa veel mensen die niet racistisch zijn, plots racisten gemaakt heeft. Het is gewoon dat racisten het gevoel krijgen dat ze steeds openlijker hun racisme mogen belijden.

De tram komt eraan. Er zitten niet veel passagiers op, maar ook hier weer de stedelijke diversiteit duidelijk zichtbaar. Ik vraag me af hoe mijn medepassagiers zich voelen. Denkt die moslima daar nu dat ik denk dat ze sympathiseert met de grotesquerie van Daesh? Ik las via Twitter een hartverscheurend verhaal over een Arabische taxichauffer in New York die de dag na de aanslag in Parijs meer dan twee uur moest wachten voor er een klant zijn taxi in durfde stappen. De man huilde onderweg van machteloosheid en verdriet en zei dat wat de monsters van Daesh doen, in niets lijkt op waar hij in gelooft. Ik heb ook vele goede opinies gelezen, de laatste dagen, terwijl de mijne zich nog helemaal moet vormen. Ik heb het niet zo voor de driftige, snelle reactie.

Het ergert me dat ik de laatste jaren de oren sneller spits als ik een paar hangjongeren in training zie in een slecht verlichte straat. Dat is wat de jarenlange indoctrinatie gedaan heeft van media die niet-aflatend Noord-Afrikanen en Turken in verband hebben gebracht met criminaliteit, asociaal gedrag en terrorisme. Het sijpelt erin, willen of niet. Hoe kan het ook anders, met een tram in Ledeberg waar mensen van allerlei achtergronden op zitten, maar met een eindeloze zee aan witte gezichten in de media? Sommige instanties doen hun best, het is waar, maar genoeg om op te tornen tegen de kanker van het brute wij-zijdenken? Het duurde nog geen dag of enkele complotdenkers schoven de schuld van de aanslagen in de schoenen van een ingebeeld amalgaam aan linkse bewegingen. Vanop een afstand is het bijna wonderbaarlijk hoe die mensen zo kunnen denken - feiten en nuance zullen hen worst wezen. De gore praat die vroeger beperkt bleef tot dronken gefluister aan de stamtoog, stroomt nu over het trottoir naar buiten en vindt veel te weinig weerstand.

Aan de Zuid stappen meer passagiers op. Een blonde Lijn-medewerkster slaat een vrolijk praatje met de chauffeur, een jonge Turkse man. Ik heb allicht relatief geluk van in Gent te wonen, waar de situatie niet zo is opgeklopt tot proporties als in Antwerpen, waar de homo hystericus aan de macht is en waar een kind mag omgelegd worden met wapentuig van de FN. Wapentuig, nota bene, dat ook zijn weg vindt naar Daesh. De aandelen van wapenfabrikanten gingen fors de hoogte in na het Parijse bloedbad. Maar het zal wel beteren, ooit. Er zal wel ooit een oplossing komen voor al die problemen. Dat wil ik erg graag geloven, maar optimistisch ben ik niet. Afghanistan is al bijna 40 jaar een puinhoop. De situatie in het Midden-Oosten is erger dan 15 jaar geleden, toen het er ook al geen pretje was om er te wonen. Wat als conflicten zich blijven uitbreiden? Wat als niemand de zotten hier een halt toeroept, en de foorapen van het Pegida van vandaag de bruinhemden leveren van morgen?

Men denkt dan dat dat zelf een hysterische angstfantasie van me is, allicht. Hoe zou dit nu kunnen, hier? Terwijl de tram voortkabbelt langs gerestaureerde voorgevels, eetgelegenheden, standbeelden en pleinen, gezellig warm, lijkt het idee van pogroms en etnische zuivering een absurditeit. Maar wat als de opeenvolgende militaire antwoorden van het Westen blijven mislukken en meer terreur blijven genereren? Wat als dat onze eigen ergste volksgenoten zich nog meer macht laat toeëigenen, nog meer de bakens verschuiven om een paranoïde politiestaat te installeren? Wie zal daar tegen in opstand komen behalve wie al gedemoniseerd is?

Een tijd terug bekeek ik een toespraak van een Holocaust-kenner die in een onderzoek had proberen achterhalen waarom in sommige landen zo veel Joden weggevoerd waren naar de kampen en in andere landen bijna geen Joden. Het antwoord was niet het gehalte van antisemitisme. Het antwoord was dat daar waar staatsstructuren vernietigd waren en elk begrip van normaliteit verdwenen was - zoals in Oost-Europa en de Baltische kust, die de nazi's volledig wilden annexeren - mensen veel sneller overgingen tot gruweldaden. Die casus komt terug in de Balkan-oorlogen van de jaren '90. In Bosnië werd het meeste verkracht en gemoord omdat de staat zelf er in rook was opgegaan. Een vacuüm zuigt snel de ergste elementen van de mensheid aan. Het stond zelfs al te lezen in 'Heart of Darkness', waar de wetteloze omstandigheden in Vrijstaat Congo de grootste gruwel leken te bespoedigen. Ik stap uit op de Korenmarkt, die levende postkaart voor toeristen. Aan de volgende tramhalte staan er veel van die toeristen. Het miezert en ik moet zuchten. Ja, ik ben dus bang. Maar ik ben niet zo bang van het leven te laten in een aanslag van één of andere fanaticus met een gordel semtex. Ik ben banger dat als we terugkijken binnen 40 jaar, dat we haarscherp het moment zullen kunnen identificeren waarop we zelf van de rails zijn beginnen glijden.